Ik heb jarenlang
gewerkt voor een mooi Nederlands
beursgenoteerd bedrijf en doordat ik
zojuist een berichtje kreeg dat een
goede bekende daar weggaat, besloot ik
nog eens op de site te gaan neuzen of
daarover een persbericht(je) te vinden
was.
Daardoor stuitte ik onbedoeld op wat
historische
informatie van het beursfonds en
‘ontdekte’ dat het in 1987 naar de
beurs was gegaan tegen een
uitgiftekoers van fl.29,- (dat is zo’n
€13,15); vandaag sloot datzelfde
bedrijf op €4,43!
Als je in 1987 je €13,15 in een
staatslening had gestoken, had je nu zo’n
€32 gehad. Had je je geld in dat bedrijf
gestoken, was je zo’n 75% slechter
uitgekomen en dat terwijl de omzet in die
tijd ver-DRIEHONDERD-voudigde en de winst
ook spectaculair steeg.
Dit bewijst mijns inziens de lariekoek van
beurskoerzen, maar ook de oliedommerigheid
van aandeelhouders.
Wat ik dan zuur vind is dat in zo’n bedrijf
de aandeelhouders altijd bovenaan het
rijtje staan en werknemers steevast op de
laatste plaats (met de klant daartussen).
Ik blijf dromen van een Nederlandse Herb
Kelleher:
Zou mijn vriend ook hierom (net als ikzelf)
zijn weggegaan? Well done Tom!
Het is nu echt
bewezen: focus op aandeelhouderswaarde
heeft een negatieve invloed op de
financiële prestaties van top-100
beursgenoteerde ondernemingen.
Dat blijkt uit het promotieonderzoek
van Pieter-Jan Bezemer, die aanstaande
vrijdag promoveert aan de Erasmus
Universiteit Rotterdam met zijn
proefschrift ‘Diffusion of Corporate
Governance Beliefs’. Hiermee
onderschrijft hij in dit
promotieonderzoek de maatschappelijke
kritiek op het Angelsaksische
economische model, gebaseerd op
marktwerking. Bezemer laat in zijn
onderzoek zien dat het Angelsaksische
model in Nederland fors aan
populariteit heeft gewonnen. Waar in
1992 slechts 13 procent van de top-100
beursgenoteerde bedrijven
aandeelhouderswaarde of een equivalent
hiervan benadrukte in het jaarverslag,
is dit percentage in 2006 gestegen
naar 74 procent. Tegelijkertijd
constateert Bezemer dat het
hanteren van
aandeelhouderswaardeoriëntatie in de
Nederlandse poldercontext juist een
negatieve invloed heeft op de
financiële prestaties van een
bedrijf.
Nu ken ik wat CEO’s waar bij het
secretariaat de flatscreen de hele dag op
Teletext pagina 520 staat of op RTL-Z en
het tijdschriftenrek volstaat met
‘Beursplein 5’ en ‘Het Beursbengeltje’ en
vaak hoor je ook van hun secretariaat dat
ze erg veel tijd ‘moeten’ besteden aan het
praten met analisten, maar daar moeten ze
nu dus voor eens en voor altijd mee
stoppen!
Praat eens wat meer met je personeel, dan
met je klanten dan als er nog wat tijd over
is je aandeelhouders. Het zal even wennen
zijn, zo onder de mensen, maar het gaat je
vast lukken.
Het CPB
publiceerde zojuist een mooi rapport ‘Hoge bomen
in de polder’ over globalisering en
topbeloningen in Nederland.
Wat blijkt: CEO’s van beursgenoteerde
bedrijven verdienen 25% tot 52% meer dan
bij vergelijkbare (in omvang en
complexiteit) ondernemingen zonder
beursnotering. De beloningsgroei bij
beursgenoteerde ondernemingen is met 8,9%
per jaar bovengemiddeld: 4,8%-punten van
deze groei kan worden verklaard door
inflatie, schaalvergroting en vergrijzing.
Voor 3,9%-punten is geen
verklaring gevonden. Er kon door het CPB
geen groei in waarde (voor klanten,
aandeelhouders en medewerkers) voor
teruggevonden worden.
Dat is vreemd!
Het argument dat dan uit de kast komt is
dat anders ‘toptalent’ (daarmee bedoelen de
CEO’s vast vooral zichzelf) naar het
buitenland vertrekt. Ook dat blijkt onzin
te zijn: ondanks de afname van het
beloningsverschil met Angelsaksische landen
zijn er niet meer buitenlandse bestuurders
toegetreden tot de top van het Nederlandse
bedrijfsleven: tussen 1999 en 2005 is het
aandeel van buitenlandse bestuurders
constant gebleven. Bij bedrijven met een
Angelsaksische eigenaar neemt het aandeel
niet-Nederlanders juist af. De gemiddelde
lengte van het dienstverband van
bestuurders is ook niet veranderd. Deze
bevindingen zijn niet in overeenstemming
met het beeld dat de markt voor
topbestuurders steeds meer een
internationale markt is. De invloed van
globalisering op topbeloningen loopt dus
vooral via grensoverschrijdende
concurrentie op afzetmarkten en
niet via
internationalisering van arbeidsmarkten.
Laten we de volgende keer dan ook gewoon
‘onzin’ roepen als dat argument weer eens
van stal wordt gehaald.
Als
je iemand vraagt wie een goede CEO is dan
krijg je waarschijnlijk het bekende rijtje
met bekende namen van de topmensen van
Procter, Shell, Coca Cola, Disney, IBM,
Mercedes, BMW, Philips, KPN, ING en ga zo
maar door. Maar dat blijkt het verkeerde
antwoord te zijn!
Insead enHarvardmaakten
een Top 100 van de (over langere tijd)
best presterende CEO’s, gebaseerd op
lange termijn waarde-creatie. Zij hebben
dit gemeten aan de hand van
beurswaarde-stijging en mijn vaste
lezers weten hoe we daar over denken,
maar in ieder geval hebben ze deze
‘waardestijging’ gemeten op langere
termijn en vergeleken ze 2.000 bedrijven
over de hele wereld. En wat blijkt? De
Top 100 ziet er onverwacht anders uit
(met Ad Scheepbouwer op48ja,
ja), waarbij regio (het is gemeten met
2.000 CEO’s uit de hele wereld) en
industrie (van snelgroeiers als
Google/high tech tot lage groeiers als
retail) GEEN rol blijkt te spelen.
Het
is
een uitgebreid onderzoek, dat uiteindelijk
het beeld van Collins (Level 5 Leadership)
lijkt te bevestigen dat het niet zo is dat
de CEO’s die altijd op de voorpagina staan
de besten zijn; veelal zijn het de stillere
noeste werkers die echt waarde creëren. De
enige kanttekening is de maatstaf die
gehanteerd is voor ‘waarde’ en het feit dat
als gevolg daarvan bedrijven en CEO’s die
niet-beursgenoteerd zijn niet mee zijn
genomen. Wellicht zitten daar nog grotere
helden bij. Het is Insead en Harvard
vergeven.
Dacht ik vorige
week nog ‘Joepie’ toen SNS
bekend maakte dat ze haar
beloningsbeleid voor de top aanpaste
omdat dat ‘beter paste bij de
tijdsgeest’.
Maar wat gebeurt gisteren?
Tijdens een bijzondere
aandeelhoudersvergadering bracht Rob
Zwartendijk, voorzitter van de raad van
commissarissen, daarop gisteren een
belangrijke nuancering aan. Hij zei dat het
besluit om geen bonussen meer in aandelen
te betalen 'in de eerste plaats is
ingegeven door de volatiliteit op de
aandelenmarkten op dit moment.'
Zwartendijk: 'Als de volatiliteit weer
uit de markt loopt of als de
concurrentiepositie daartoe aanleiding
geeft, komt de bonus in aandelen
terug.'
Anders gezegd als het (beurskoers) tegenzit
dan bonussen in cash en als het meezit in
aandelen. Dit zijn precies de dingen die
bij consumenten het vertrouwen in deze
sector aantast! Ik hoor ze al gillen:
‘graaicultuur’ en ik weet niet of
ik ze dan ongelijk moet geven.
En het wordt nog erger; verzekeraar Delta
Lloyd, die tegen het voorstel (om de
bonussen los te koppelen van de beurskoers)
stemde, zei een bonus in aandelen te
prefereren omdat de belangen van
bestuurders en aandeelhouders dan zijn
gelijkgeschakeld. Alsof de enige taak van
de bestuurder het dienen van de
aandeelhouder is; waar zijn klanten en
medewerkers?
De oproep van Al Gore in het FT
is terecht, maar bij Delta Lloyd aan
dovemansoren; de crisis lijkt bijna
voorbij en nu al vergeten!
In het NRC van 11/6 een
gesprek met Cees Maas, voormalig
ING-bestuurder; hij zegt daarin dat
als ING geen beursnotering zou hebben
gehad, de bank-verzekeraar ook geen
steun van de Nederlandse staat nodig
zou hebben gehad in de crisis.
Laat dat even goed op je inwerken!
Hij zegt letterlijk dat het zijn van een
beursgenoteerd bedrijf (en dus de prooi van
speculanten, omdat je beurskoers geen
enkele relatie met de waarde van het
bedrijf heeft) de belastingbetaler
10-tallen miljarden heeft gekost. Dus in
goede tijden is een beursnotering een
zegening (voor de bestuurders met opties?)
en in slechte tijden kun je beter een
familiebedrijf zijn? Dat mijns inziens
beursgenoteerd zijn, alleen maar leidt tot
korte termijn visie, omdat je elke dag die
speculatnt die geen aandeelhouder is
tevreden moet stellen, is al langer bekend.
Maas zegt niet dat hij vindt dat ING van de
beurs af zou moeten. Wel pleit hij voor een
‘stabiele aandeelhoudersstructuur’, waarin
aandeelhouders niet hun belangen op de
korte termijn laten prevaleren.
Pensioenfondsen zouden in hun rol als
aandeelhouder volgens Maas meer voor
rendement op lange termijn moeten gaan. Wat
de heer Maas volgens mij niet begrijpt is
dat dit twee zaken zijn die onverenigbaar
zijn: of beursgenoteerd of stabiele
aandeelhoudersstructuur. Life is all about
choices!
Nu heb ik hier altijd al gestreden tegen de
obsessie met beurskoerzen als indicator van
bedrijfsprestaties; zie ook eerder mijn
boek IT zonder Hoofdpijn,
waarin we stellen dat beurskoerzen
meer de wereld van lemmingen en
speculanten is, dan serieuze
bedrijfseconomie. Maar als je pensioen
straks afhangt van die koers wordt het
toch iets om naar te blijven kijken.
En dan wordt je hier toch licht
nerveus van (de paarse lijn is de
huidige crisis):
Voor Inspiratie, Irritatie, Innovatie,
Inzicht & Informatie
Weer een dag geen Inspiratie?
The problems of the world cannot possibly be
solved by skeptics or cynics whose horizons are
limited by the obvious realities. We need men who
can dream of things that never were.
John F. Kennedy
Boek mij @
Volg mij @
Slow.TV
Wilt u op de hoogte blijven? Vul hier uw
email-adres in: